Wat is slimmer met je vermogen: sparen, beleggen of onderbrengen in een bv?

Heb je als ondernemer privé veel vermogen opgebouwd? En wil je weten wat het meeste belasting oplevert: aanhouden als spaargeld, beleggen of je vermogen onderbrengen in een bv? Ontdek het door deze vier vragen te beantwoorden.
Let op: de belastingregels in box 3 kunnen veranderen. Daardoor is het lastiger om te bepalen wat op de langere termijn de beste keuze is.
Vraag 1: Wat zijn je wensen en doelen?
Bepaal eerst wat je met je geld wilt doen. Bijvoorbeeld een pensioenpot, studiekosten voor je kinderen of een wereldreis.
Daarna kun je kiezen: sparen of beleggen? Wat je kiest hangt vooral af van wanneer je het geld nodig hebt en hoeveel risico je kunt én wilt lopen.
Weet je wat je met je vermogen wilt doen? Dan wordt de volgende vraag belangrijk. Is het fiscaal gunstigerr om het vermogen privé (in box 3) aan te houden als ondernemer of over te plaatsen naar een bv?
Vraag 2: Hoe wordt je vermogen in privé (box 3) belast?
Als je spaart en belegt met je privévermogen betaal je belasting in box 3. In box 3 zijn er drie categorieën:
- Spaartegoeden
- Overige bezittingen (o.a. beleggingen)
- Schulden.
De Belastingdienst kijkt niet naar het werkelijk rendement, maar rekent met een forfaitair (voor iedereen gelijk) rendement.
Is je werkelijk rendement lager? Dan kun je tot en met 2027 gebruikmaken van de tegenbewijsregeling. Het kabinet wil vanaf 2028 een nieuw box 3-stelsel invoeren, waarbij wél het werkelijk rendement wordt belast.
In box 3 betaal jegeen belasting over het heffingsvrij vermogen:
- € 57.357 per persoon
- € 118.714 met een fiscaal partner
Voor 2026 geldt een belastingtarief van 36% in box 3.
Tot de invoering van het nieuwe box 3-stelsel ziet de belastingheffing er zo uit:
Belastingdruk per vermogenscategorie
| Vermogen | Vermogenscategorie | Forfaitair rendement | Belastingtarief | Belastingdruk per vermogenscategorie |
|---|---|---|---|---|
| € 0 - € 59.357 | - | Vrijgesteld | Vrijgesteld | 0% |
| Vanaf € 59.357 | Spaartegoeden | 1,28%* | 36% | 0,46% |
| Overige bezittingen (o.a. beleggingen) | 6% | 36% | 2,16% | |
| Schulden | 2,7%* | 36% | - 0,97% |
Draai je scherm om deze tabel op mobiel goed te zien.
* Dit percentage is een schatting. Deze wordt bij de voorlopige aanslag gebruikt. Het definitieve percentage wordt pas na 2026 berekend.
Voorbeeldberekeningen
Geld op spaarrekening
Stel, je hebt € 500.000 op je spaarrekening. De rente is 1,5% (€ 7.500). Het heffingsvrij vermogen nemen we voor het gemak niet mee in de berekening.
Over je spaargeld betaal je 0,46% (€ 2.300) belasting. Netto houd je een rendement van € 5.200 over.
Geld in beleggingen
Stel, je belegt € 500.000 en je behaalt een rendement van 4% (€ 20.000). Over je beleggingen betaal je 2,16% (€ 10.800) inkomstenbelasting. Netto houd je een rendement van € 9.200 over.
Valt je rendement lager uit? Dan kun je gebruikmaken van de ‘tegenbewijsregeling’. Zo kun je jouw box 3-belasting verlagen.
Let op: als je deze regeling toepast, vervalt het heffingsvrij vermogen van € 59.357. Hierover betaal je box 3- belasting.
Vraag 3: Wanneer is het interessant je vermogen naar een bv te verplaatsen?
Deze keuze is op de langere termijn lastiger te maken. Dat komt omdat de forfaitaire rendementen in box 3 elk jaar wijzigen. Voor spaartegoeden en schulden wordt het definitieve rendement pas aan het eind van het jaar definitief. Wel geeft de overheid een schatting.
Op basis van de huidige wetgeving kan het aantrekkelijk zijn om je vermogen in een bv onder te brengen. Je betaalt dan geen belasting meer over het forfaitaire rendement maar over het werkelijk behaalde rendement in de bv. Is de ‘tegenbewijsregeling’ gunstiger dan het forfaitaire rendement in box 3? Dan is het niet meer interessant om het vermogen naar de bv over te zetten.
Vraag 4: Hoe wordt je vermogen in een bv belast?
Hoeveel vennootschapsbelasting je bv betaalt, hangt af van de belastbare winst van de bv.
- De gerealiseerde opbrengsten (zoals rente en dividend) en het gerealiseerd rendement (koerswinsten en koersverliezen) van je bv tellen mee als winst. Daarover betaal je vennootschapsbelasting.
- In 2026 geldt een tarief van 19% vennootschapsbelasting over de winst tot € 200.000. Over het meerdere betaal je 25,8%.
- De bv kan het nettorendement meestal als dividend uitkeren aan jou. Daarover betaal je inkomstenbelasting in box 2:
- 24% over de eerste € 68.843 (bij fiscaal partnerschap € 137.686)
- 31% over het meerdere.
De gecombineerde belastingdruk (bij 19% vennootschapsbelasting en 24,5% inkomstenbelasting) op het rendement van je vermogen is ongeveer 39%. De gecombineerde belastingdruk bereken je door eerst de vennootschapsbelasting bij een tarief van 19% en daarna de inkomstenbelasting in box 2 bij een tarief van 24,5% bij elkaar op te tellen..
Voorbeeldberekeningen
Voorbeeld A - sparen
Stel, je brengt € 500.000 onder in de bv en je zet dit op een spaarrekening met een rente van 1,5%. Je rendement is dan € 7.500. Hierover betaal je vennootschapsbelasting van 19% (€ 1.425). Netto houd je in de bv € 6.075 over.
Keer je dit bedrag vervolgens uit als dividend aan jezelf? Dan houd je een nettorendement over van € 4.587 (= € 6.075 minus 24,5%: ongeveer € 1.488). In dit voorbeeld is het voordeliger om het vermogen in box 3 te houden. Je nettorendement is daar wat hoger (€ 5.200, zie vraag 2).
- Voor spaargeld is het op dit moment meestal niet aantrekkelijk om over te gaan naar een bv. Dit komt door het lagere fictieve rendement in box 3. Dit is eigenlijk alleen voordelig als je met spaargeld een relatief zéér laag rendement behaalt van maximaal 1,18%. Dit percentage is berekend door de belastingdruk: 0,46% (bij vermogen in box 3)/ 39% (bij vermogen in bv)) in 2026.
Voorbeeldberekening B - beleggen via de bv
Stel, je brengt € 500.000 onder in de bv en gaat het beleggen met een rendement van 4% (€ 20.000). Hierover betaal je vervolgens vennootschapsbelasting van 19% (€ 3.800). Netto houd je € 16.200 over in de bv.
Keer je dit bedrag uit als dividend aan jezelf? Dan is het nettorendement € 12.230 (24,5% = ongeveer € 3.970). In dit voorbeeld is het voordeliger je vermogen te verplaatsen naar de bv, omdat je nettorendement in box 3 lager is (€ 9.250, zie vraag 2).
Let op: in deze berekening is geen rekening gehouden met de kosten van de bv.
- Voor beleggingen kan het aantrekkelijk zijn om over te stappen naar een bv. Dit komt door het relatief hoge fictieve rendement in box 3. Een bv wordt pas voordelig als je met beleggen een lager rendement van ongeveer 5,5% behaald. Dit percentage is gebaseerd op de verhouding tussen de belastingdruk in box 3: 2,16% en op de totale belastingdruk in een bv/ circa 39% (bij vermogen in bv)) in 2026.
- Let op:
- Er is in deze vergelijking geen rekening gehouden met de kosten van de bv. Hoe minder vermogen je hebt in de bv hoe zwaarder de jaarlijkse kosten drukken op het uiteindelijke nettorendement.
- Is de ‘tegenbewijsregeling’ gunstiger dan het forfaitaire rendement in box 3? Dan is het meestal niet meer interessant om het beleggingsvermogen naar de bv te verplaatsen.
Vraag 5: Wat is nu slim?
Uit de eerdere voorbeelden blijkt dat je in de meeste gevallen niet meer belasting bespaart door spaargeld te verplaatsen naar de bv. Dit komt doordat spaargeld in box 3 momenteel tegen een relatief laag forfaitair rendement wordt belast.
Overweeg je te beleggen? Dan kan een bv wel interessant zijn. Dit geldt vooral als je verwacht een lager rendement te behalen dan 5,5% in 2026.
Let op: de berekeningen zijn gebaseerd op de huidige cijfers in 2026. De forfaitaire rendementen in box 3 wijzigen elk jaar en er is veel onzeker over de toekomstige belastingheffing in box 3. Hierdoor is het lastig te bepalen wat wijsheid is voor de langere termijn. Houd ook rekening met extra kosten van een bv, zoals:
- de eventuele oprichtingskosten van een bv (€ 400 - € 1.000)
- jaarlijkse kosten (€ 600 - € 1.800).
Daarnaast speelt je privacy een rol. De jaarstukken van de bv worden gepubliceerd via de Kamer van Koophandel. Deze zijn openbaar en door iedereen op te vragen. Zo is makkelijk te achterhalen hoeveel vermogen je hebt in de bv.
“Voordat je een keuze maakt voor sparen of beleggen, is het belangrijk om eerst alle voor- en nadelen goed af te wegen. Zo past je keuze goed bij je financiële situatie.”

Hilde Wuisman, Expert Vermogensplanning